Voor jongeren bestaat er geen strikte scheiding tussen online en offline. Voor hen is dat één wereld. Bovendien zijn ze een steeds groter deel van de dag op sociale media actief. Reden voor jongerenwerkers om dat ook te doen en zo te zien wat jongeren bezighoudt. Maar hoe begin je? Stichting Jongerenwerk op Zuid (JOZ) gooide 4,5 jaar geleden rigoureus het roer om en gaf de jongerenwerkers tijd en ruimte om jongeren actief op sociale media te volgen en te spreken. ‘Hierdoor bleven ze ook tijdens de lockdown op onze radar’, aldus Ricardo Danning van JOZ.

Ricardo Danning
Voormalig topsporter Ricardo Danning van Jongerenwerk Op Zuid geeft leiding aan 15 jongerenwerkers die hij er regelmatig op wijst op hun telefoon te kijken.

‘Ik kan als leidinggevende zeggen: ik zie je te weinig op sociale media, want dat hoort bij hun werk’

JOZ is daar waar de jongeren zijn. ‘Daarom rekenen wij dus ook het online domein tot ons werkgebied. Voor de jongeren is het logisch online in contact te staan met onze professionals. Sterker nog: ze vinden het eerder gek als hun jongerenwerker daar niet te vinden is’, legt Danning uit.

De 37-jarige voormalige topsporter bij Jong Feyenoord en afgestudeerd econoom geeft leiding aan 15 jongerenwerkers die hij er regelmatig op wijst op hun telefoon te kijken. ‘Ik kan als leidinggevende zeggen: ik zie je te weinig op sociale media, want dat hoort bij hun werk.’

Contact leggen, kansen bieden

‘JOZ vindt het belangrijk dat iedere jongerenwerker die in dienst komt met sociale media werkt. Dat wordt ook in de sollicitatiegesprekken meegewogen. Wij gebruiken sociale media om talenten van jongeren te ontdekken, contact te leggen, te verbinden, grenzen te stellen en kansen te bieden. Heb je er niets mee en wil je het ook niet leren, dan word je niet aangenomen’, stelt Ricardo.

Sociale media spelen een grote rol in de verspreiding en zichtbaarheid van een specifieke straatcultuur. ‘Hier zie je duidelijk welke onderwerpen jongeren belangrijk vinden, hoe en waarover ze communiceren en hoe ze op elkaar reageren. Daarom is het voor onze jongerenwerkers uiterst belangrijk om ook online zichtbaar aanwezig te zijn.’

‘Sociale media moeten onderdeel zijn van je beleid en je kijk op het jongerenwerk en een laagdrempelige manier om in contact met jongeren te komen. Neem het dus serieus, want jongeren doen dat ook.’

Neem sociale media serieus

Volgens Danning moet elke jongerenorganisatie al in haar visie beslissen welk account ze wil beheren. Is dat er eenmaal, dan is het vooral een kwestie van veel doen. ‘Het is niet iets wat je er even bij doet’, waarschuwt hij. ‘Het moet onderdeel zijn van je beleid, je kijk op het jongerenwerk en een laagdrempelige manier om in contact met jongeren te komen en te blijven. Dus maak een visie over wat je op sociale media wilt doen en schep randvoorwaarden om dat mogelijk te maken in tijd en middelen. Neem het dus serieus, want jongeren doen dat ook.’

‘Heeft jouw organisatie tien medewerkers? Dan zeg ik: zet iedereen online. Werk je in een grote organisatie? Begin dan met een kleine groep die vaandeldrager wil zijn en de rest van de organisatie kan motiveren. Je moet ook niet de illusie hebben dat je, als je op sociale media actief bent, offline minder hoeft te doen. Offline blijft wel je basis.’

Van Instagram tot Playstation

Instagram is voor de jongerenwerkers van JOZ een vereiste. Een enkeling zit ook op Snapchat, TikTok of de PlayStation om met jongeren bijvoorbeeld FIFA te spelen.

Danning: ‘Sociale media werken laagdrempelig voor jongeren, die het veel makkelijker vinden om een jongerenwerker een persoonlijk berichtje te sturen of een whatsappje. Andersom is het voor jongerenwerkers via sociale media gemakkelijker dan offline om een grotere doelgroep te bereiken. Ook zijn sociale media een mooi kanaal om te laten zien dat we er voor de jongeren zijn, wat we voor ze kunnen betekenen en ze te wijzen op activiteiten. Daarnaast is het ontzettend waardevol om zo al vroeg zorgwekkende signalen op te vangen. Als je veel investeert online, kun je ze ook vinden als het tegenzit.’

Online investering loont

Deze investering kwam half december 2021 ook van pas tijdens de lockdown, waardoor jongeren in beeld bleven bij de jongerenwerkers.

Danning: ‘Heel veel jongeren zaten tijdens de lockdown met frustraties, omdat ze nergens meer terecht konden en niets meer konden doen. En als ze dan al ergens met twee man stonden, werden ze weggejaagd. Dat was voor velen van hen een pittige tijd. Jongeren begrepen het ook niet echt. Jongerenwerkers zijn daarom het gesprek aangegaan. We hebben ze gestimuleerd om zich aan de regels te houden, maar hebben ons ook zo opgesteld dat ze de ruimte kregen om hun frustraties te uiten. Dat ze het gevoel hadden dat ze begrepen werden. We waren ook eerlijk, zo van: we kunnen nu geen leuke activiteiten voor jullie organiseren. Maar we kunnen wel via sociale media op bepaalde tijdstippen allerlei leuke activiteiten aanbieden, zoals raadsels, podcasts en een quiz, zodat je naar iets leuks kunt kijken.’

Hulp bij bijbaan

De 16-jarige Walid vindt de jongerenwerkers van JOZ ‘enorm toffe mensen, die mij wel vaker geholpen hebben met school en met het zoeken naar een bijbaan’. Hij kent ze van het voetballen en pingpongballen in de buurt. ‘Ik heb nu veel contact met Iliass, die ik ook volg op Instagram waar hij allerlei activiteiten post. Zo organiseerde hij tijdens de lockdown een voetbalchallenge. Gelukkig maar, want ik vond die periode erg saai. Ook riepen ze ons toen op ons aan de regels te houden. Dat vond ik alleen maar goed. Ik heb met hem een goede band. Als ik hulp nodig heb, kan ik altijd bij hem terecht. Zo heeft hij mij geholpen met het opstellen van een cv en solliciteren.’

De 17-jarige Selena was begin 2021 op het pleintje aan het voetballen toen er jongerenwerkers van JOZ langskwamen die vertelden dat ze hangjongeren hielpen. ‘Dat vond ik wel interessant. Ik woon toch wel een beetje in een achterstandswijk, dus vind ik het leuk als er mensen zijn die daar iets willen organiseren. In het begin was ik niet zo close met hen, maar een vriendin van mij was dat wel met jongerenwerker Selina. Ik ging toen met haar praten en ben haar ook op Instagram gaan volgen. Dat is echt niet raar. Ik kende al bijna iedereen die haar volgt. Bovendien leer je door sociale media meer en andere mensen kennen en kan je zo je sociale omgeving uitbreiden.’

Grote zus

Selina post soms quotes of polls waarop je kunt reageren, of je het ermee eens bent of niet, vertelt ze verder. ‘Zoals laatst over homo’s en lesbiennes. Het is leuk om te zien hoe anderen daarop reageren. Ik kan het zeker iedereen aanraden met JOZ in contact te komen of te volgen op Instagram. Een vriendin van mij kan niet zo goed opschieten met een JOZ-persoon. Ik heb haar toen aangeraden naar het plein te komen, omdat Selina ook komt. Als je iets kwijt wilt, kun je het aan haar vertellen. Zij is net een grote zus.’

Tijdens de lockdown vond Selena het wel saai. ‘Ik heb vijf weken corona gehad, lag met hoge koorts op bed, moest veel kuchen en mocht niet naar buiten. Dat was een moeilijke tijd. Mijn zusje en vader zijn bovendien astmatisch en mijn broertje heeft last van zijn longen. Selina heeft zelf ook corona gehad, daarom kon ik goed met haar over haar ervaringen praten en onze situaties vergelijken. Mijn conditie is nog steeds niet goed en helaas kan ik vanwege polsklachten ook niet meer bij mijn vereniging voetballen. Ik hoop dat dat snel weer verandert.’

‘Het belangrijkste in dit werk online en offline is: eerlijk zijn. Laat weten waarvan je bent en waarvan niet en wat je die jongere kunt bieden. Doe geen beloftes die je niet kan waarmaken. Bied meerwaarde voor de jongere.’

Avondklokrellen

Tijdens de lockdown vonden er ondanks alle preventiemaatregelen toch één dag rellen in Rotterdam-zuid plaats. Danning: ‘Op die locatie waren toen twee jongerenwerkers aanwezig, die voor hun eigen veiligheid ook weg moesten gaan. We hebben in die periode heel goed gemonitord en ook op Telegram gezeten om de signalen daar in de gaten te houden. Daar werden toen veel oproepen gedaan om te gaan rellen. Jongerenwerkers hebben in die tijd lange dagen gemaakt en heel intensief informatie ingewonnen. We hebben ook dagelijks rapportages gemaakt van posts op sociale media en locaties waar jongeren van aangaven te gaan rellen. Ook zijn we in gesprek gegaan met jongeren, van: doe dat nu niet of ga daar niet naartoe, want dan kun je in de problemen komen. Dat was niet gelukt als we niet daarvoor al in relaties investeerden.’

Meteen een jongere belerend aanspreken werkt niet. Danning: ‘Positief aanspreken wel. We proberen er voor de jongere te zijn en dat werkt door. Als er drie jongeren uit een groep van vijftien goed geholpen zijn, dan praten ze daar met de andere groepsleden over. Zo van: dat is een goede. Die kan je vooruit helpen. Het belangrijkste in dit werk online en offline is: eerlijk zijn. Laat weten waarvan je bent en waarvan niet en wat je die jongere kunt bieden. Doe geen beloftes die je niet kan waarmaken. Bied meerwaarde voor de jongere. Je moet jezelf bewijzen. Wees ook heel betrouwbaar, ook in je afspraken. Een jongere mag vijf keer niet komen opdagen bij een afspraak; een jongerenwerker moet altijd zijn afspraken nakomen, want hij/zij is een professional.’

Vertrouwensband belangrijk

Danning is zelf ook nog steeds actief op Instagram onder de naam joz_ricardo en staat daar in contact met honderden jongeren en professionele partners van JOZ. ‘Gisteren werd ik nog via Instagram benaderd door een jongere die ik meer dan een jaar geleden voor het laatst gesproken had. Hij had een aantal openstaande boetes en vroeg mij om hulp. Deze jongen kent mij, vertrouwt mij en wilde daarom alleen met mij contact. Dus pas ik hem tussen mijn andere afspraken in en help ik hem, ook al ben ik zelf inmiddels leidinggevende en niet meer op straat actief. Je kunt niet zomaar jongeren aan een andere jongerenwerker overdragen. Het is ook werken met je hart.’

Lees hier meer over Online Jongerenwerk van JOZ

Jelle van Buuren
Platform JEP heeft Jelle van Buuren gevraagd een reflectie te geven op de artikelen. Jelle van Buuren is universitair docent aan de Universiteit Leiden - Institute of Security and Global Affairs. Zijn onderzoek richt zich onder andere op terrorisme en momenteel op de rol van complotdenken in processen van delegitimisering. Jelle is ook regelmatig in de media te zien en te horen om vanuit zijn expertise duiding te geven aan actuele gebeurtenissen zoals de rellen in verschillende steden tijdens de lockdown vanwege de coronapandemie.

Reflectie

Jelle van Buuren: ‘Het komt wel goed met Nederland als we professionals zoals Ricardo en Bianca koesteren en de ruimte geven. Niet alleen het inzicht dat je permanent online aanwezig moet zijn en de digitale cultuur moet willen snappen is cruciaal. Nog belangrijker is een scherp besef van de rol. Aanwezig zijn, maar zonder je eigen privéleven te delen. Vertrouwen creëren. Online en offline zijn niet te scheiden. Begrip voor frustraties tonen rond de avondklok maar de jongeren ook oproepen om zich aan de regels te houden. Eerlijk zijn in wat je wel en niet kan. Niet belerend zijn en jongeren positief aanspreken en ze serieus nemen – en dat betekent ook tegengas durven geven.

Maar misschien de belangrijkste les is wel dat je jongeren actief meeneemt door ze verantwoordelijkheid te geven, zoals bij de escaperoom. De complottheorie van Qanon is deels zo’n succes omdat mensen worden aangespoord zélf op onderzoek uit te gaan, zelf mee te schrijven aan het verhaal. Wij kijken nog te vaak naar individuen – en zeker jongeren – als passieve consumenten die we kennis en wijsheid moeten komen brengen. Dat is niet de goede aanpak.

Stimuleer jongeren aan de slag te gaan, neem hun bevindingen serieus, stimuleer hun kwaliteiten en talenten, prikkel hun nieuwsgierigheid en creativiteit.’