Complotmythen zijn al zo oud als de weg naar Rome. En de aanwezigheid van complotmythen en het geloof erin, neemt toe in tijden van crisis. Ook tijdens de huidige wereldwijde gezondheids- en klimaatcrisis ontkom je er haast niet aan. Communicatie- en informatiewetenschapper Kitty Smeekes: ‘Hardnekkig drogredeneren, desinformatie en de onlinewereld spelen een grote rol in het verspreiden van complotmythen. Dat maakt jongeren kwetsbaar voor complotdenken.’

Kitty Smeekes
Kitty Smeekes, communicatie- en informatiewetenschapper

Definities

Desinformatie
Wanneer mensen met opzet misleidende of onjuiste informatie creëren en dit als propaganda-instrument gebruiken. Complotmythen/-theorieën zijn één vorm van desinformatie. 

Waarom maken en delen mensen desinformatie? 
Om daarmee geld te verdienen, politieke invloed te vergaren, of om wantrouwen, wanorde en morele paniek te veroorzaken.

Misinformatie
Wanneer mensen desinformatie delen, zonder te beseffen dat het onjuiste of misleidende informatie is.

Waarom delen mensen misinformatie?
Uit verontwaardiging, uit angst, uit enthousiasme, om mensen te willen helpen en beschermen, of om zichzelf verbonden te voelen met een community die dezelfde misinformatie geloven en delen.

Smeekes doet al jaren onderzoek naar extreme communicatie- en interactiepatronen, desinformatie, complotmythen en (online) parallelle gemeenschappen. 'Complotmythen bestaan uit steeds terugkerende verhalen. Aan de basis van veel complottheorieën staan oude mythen en malinformatie, zoals de Protocollen van de wijzen van Sion. Dat is een fictief pamflet uit het begin van de 20ste eeuw, bedoeld als bewijs dat er een Joods complot zou bestaan om de wereldheerschappij te verwerven.’ Aan dit narratief worden steeds nieuwe elementen uit de actualiteit toegevoegd. Zo zouden de covid-vaccins bijvoorbeeld ontworpen zijn om mensen tot verhandelbare slaven te maken.

Kenmerkende elementen

Complotmythen bestaan vaak uit een aantal kenmerkende elementen. Bijvoorbeeld drogredenen: Foutieve argumenten zoals ‘het is niet bewezen dat mijn theorie niet waar is dús is het waar’ en valse dilemma’s (zwart-wit denken) als ‘als je niet tegen vaccinatie bent, dan ben je tegen mij'. Andere kenmerken zijn slachtoffer-, strijd- of apocalyptische-narratieven. Zoals: ‘de elite wil ons klein houden en zorgt ervoor dat andere mensen ons niet geloven, dus wij zijn slachtoffer’. Of: ‘het vaccin is onderdeel van een plan voor genocide, het is een vreselijke situatie'. Daarbij is de taal emotioneel, waardoor de complotmythe een sterk emotioneel en moreel appel doet op het publiek en zorgt voor actiebereidheid.

Online complotten

‘In het verleden werden mythen met dit soort verhalen en taalgebruik de wereld in geholpen via de krant, boeken of folders. Daar zat dan een kleine groep achter die zich ergens aan de rand van de samenleving bevond, waardoor ze geen groot bereik hadden. Hieraan was ook relatief makkelijk te zien dat de bron mogelijk niet pluis was. Dat was vrij goed beheersbaar’, aldus Smeekes.

Nu we veel van onze informatie online produceren en delen, maken ook deze groepen daarvan gebruik. Smeekes: ‘Online hebben complotmythen een veel groter bereik en meer impact. De groepen die bepaalde complotmythen aanhangen, maken hun eigen content. Websites, video's en publicaties zien er met steeds minder moeite steeds professioneler uit. Hierdoor wekken ze de schijn van een officiële bron of organisatie afkomstig te zijn.’ Ook vinden verschillende (meer- en minder extremistische) groepen elkaar online makkelijker, waardoor er veel meer community building en kennisuitwisseling ontstaat.

‘Algoritmen versterken de menselijke neiging tot cherry picking’

Kitty Smeekes

Versnelling en versterking

Daarbij speelt de snelle verspreiding van theorieën die het internet faciliteert een rol. ‘Dat wordt ook wel Firehosing of Falsehoods genoemd. Men produceert en verspreidt desinformatie (waaronder complotmythen) via verschillende mediakanalen. Vervolgens vraagt men volgers en leden deze desinformatie ook te delen (#delenislief). Men spreekt elkaar aan op meedoen en dat versterkt het gevoel bij te dragen aan een goed doel. Ondertussen bevordert dat de verspreiding van extremistische desinformatie en het creëren van morele paniek’, aldus Smeekes.

Daarnaast zijn er de algoritmen waarmee sociale media en online advertenties werken, de zogenoemde fabeltjesfuiken. Deze algoritmen versterken de menselijke neiging tot cherry picking: de selectieve manier waarop we informatie die ons standpunt bevestigt (onbewust) verkiezen boven informatie die niet past bij onze persoonlijke opvattingen. Algoritmen personaliseren: dat wat jij interessant vindt, dat wat bij jou en jouw online gedrag past, daarvan krijg je steeds meer aangeboden. Smeekes: ‘Dat zorgt er bij complotmythen voor dat de angst, bezorgdheid en haat die door de complotmythe worden opgewekt, telkens bevestigd en versterkt worden.’

‘Verondersteld wordt dat jongeren gevoelig zijn voor complotmythen, omdat hun brein en identiteit nog in ontwikkeling zijn.’

Waarom jongeren gevoelig zijn

Verondersteld wordt dat jongeren gevoelig zijn voor complotmythen, omdat hun brein en identiteit nog in ontwikkeling zijn. Uit onderzoek blijkt dat bepaalde functies van je brein zich nog tot je 25ste levensjaar ontwikkelen. Smeekes: ‘Dat geldt met name voor de functies die betrokken zijn bij besluitvorming en bij emotieregulatie. En dat zijn juist de functies die je nodig hebt om weerbaar te zijn en om kritisch en met afstand informatie te kunnen beoordelen.’ Daarnaast hebben jongeren bepaalde vaardigheden vaak nog niet geleerd, zoals kritische reflectie en logisch redeneren.

Tips om complotdenken te voorkomen

  • DROG ontwikkelde een aantal Pre-bunking games, zoals Slecht Nieuws. Deze serious games zijn gericht op mediawijsheid en digitale geletterdheid. Ze wapenen spelers tegen desinformatie en leren kritisch te zijn over wat ze (online) lezen. Spelers leren hoe datamanipulatie en andere marketingtechnieken werken en hoe ze eruit zien.
  • Als je meer wilt lezen over drogredenen is de website en het boek Drogredenen van Paula Steenwinkel een goede start.
  • Bianca Boender van You!nG ontwikkelde, in samenwerking met Joline Verloove van het Kennisplatform Integratie & Samenleving, een handige ‘fake news checklist’. Lees ook het interview met Bianca Boender verderop in dit magazine, ‘Het staat op TikTok, dus het is waar’.
  • De Washington State University heeft een methode ontwikkeld om nepnieuws te herkennen. Hoe deze zogenoemde HALT-methode werkt lees je bijvoorbeeld op de website van de VPRO.

‘Als de mythe een element van strijd (wij tegen zij), én een slachtoffer-narratief (zij tegen ons) én een apocalyptische dimensie (“de storm”, “nieuwe tijd” of “einde tijd”) bevat, is deze potentieel gevaarlijk’

Complotmythen ontkrachten ontzettend moeilijk

Volgens Smeekes zijn complotmythen niet per definitie gevaarlijk. ‘Maar complotmythen kunnen versnellend werken bij radicaliseringsprocessen. Complotdenken kan leiden tot het legitimeren van geweld, tot terugtrekking uit de maatschappij. Of tot andere maatschappij-ontwrichtende situaties, zoals begin dit jaar in de gemeente Bodegraven-Reeuwijk waar complotdenkers vanwege hun overtuigingen de rust verstoorden op een begraafplaats. Om te kunnen inschatten of een complotmythe een risico is, gebruikt men een aantal indicatoren. Als de mythe een element van strijd (wij tegen zij), én een slachtoffer-narratief (zij tegen ons) én een apocalyptische dimensie (“de storm”, “nieuwe tijd” of “einde tijd”) bevat, is deze potentieel gevaarlijk.

De-bunking, het ontkrachten van mythen als iemand er al van overtuigd is, is echter ontzettend moeilijk. ‘Je komt met iemand die vurig in complotmythen gelooft snel in een onmogelijke situatie terecht. Je maakt óf deel uit van de vijand, óf je ‘slaapt’, je hebt niet door wat er écht speelt. Alle ongewenste informatie wordt verworpen als nep. Daardoor kun je geen wederkerig, inhoudelijk gesprek meer voeren, want er is geen gedeelde realiteit meer. Dat maakt complotmythen ook zo'n vreselijk effectief instrument om polarisatie te veroorzaken en versterken.’

Tips om in gesprek te blijven

  • Lees en leef je in, in de situatie van de jongere én in de betreffende complotmythe. Waarom is juist deze mythe aantrekkelijk voor deze jongere op dit moment? Zo kun je vanuit begrip over de situatie het gesprek aangaan.
  • Bied een reality check: jongeren die opgroeien in gezinnen waarin complotmythen leven kunnen het moeilijk hebben. Heb daarvoor oog, bied een luisterend oor en erken hun situatie actief.
  • Volg de (gratis) training Omgaan met extreme idealen die gaat over het in gesprek gaan en in contact blijven met jongeren met extreme opvattingen. De training bevat een casus over complotdenken.

Blijf in gesprek

Ben je dan eigenlijk gewoon al te laat als iemand gelooft in een complotmythe? ‘Je kunt altijd nog toetsen of diegene ontvankelijk is voor gezonde kritische reflectie. Leg in een gesprek de nadruk op hoe iemand tot zijn kennis en ideeën komt, in plaats van op de inhoud van de boodschap of de informatie. Oordeelt iemand op basis van persoonlijke ervaring, of religieuze of spirituele opvattingen? Dan hebben discussies over feiten weinig zin. Maar als iemand vooral op zoek is naar meer bewijs of begrip, dan kun je daarover nog wel in gesprek.’

Verder moet je zorgen voor een basis van vertrouwen, en het gesprek gaande houden. ‘Dit kan alleen in kleine stapjes. Hopelijk merk je dat iemand op een gegeven moment bereid is een standpunt anders te bekijken, andere hypotheses te overwegen. Dan kun je proberen zichtbaar te maken dat er ook andere manieren van redeneren zijn, en andere manieren om tegen een specifieke situatie aan te kijken.’

Pre-bunking

De beste manier om complotdenken tegen te gaan, is Pre-bunking. Smeekes: ‘Leer jongeren desinformatie te herkennen. Leer ze wat drogredenen zijn, zoals de eerder genoemde foutieve argumenten en valse dilemma’s, en hoe je ze kunt herkennen. Leer hen welke taaltrucs zowel marketeers als verspreiders van complotmythen en desinformatie gebruiken, zoals de emotionele taal en slachtoffer-narratieven. En leer ze hoe algoritmen en sociale media werken, en dat deze ook door mensen ontworpen zijn met een specifiek doel.’

‘Door jongeren op tijd te leren logisch en kritisch na te denken, desinformatie te herkennen en hen mediawijsheid bij te brengen, kun je voorkomen dat ze überhaupt verleid worden door complotmythen en desinformatie.’ Als het aan Smeekes lag, was dit onderdeel van alle curricula, op elk onderwijsniveau.

In de kaders hieronder en op de website van Movisie lees je meer over hoe je complotdenken kunt voorkomen en hoe je ermee kunt omgaan.

Jelle van Buuren
Platform JEP heeft Jelle van Buuren gevraagd een reflectie te geven op de artikelen. Jelle van Buuren is universitair docent aan de Universiteit Leiden - Institute of Security and Global Affairs. Zijn onderzoek richt zich onder andere op terrorisme en momenteel op de rol van complotdenken in processen van delegitimisering. Jelle is ook regelmatig in de media te zien en te horen om vanuit zijn expertise duiding te geven aan actuele gebeurtenissen zoals de rellen in verschillende steden tijdens de lockdown vanwege de coronapandemie.

Reflectie

Jelle van Buren: ‘Complotideeën bestaan in vele geuren en kleuren. We moeten oppassen een morele paniek te creëren rond complotdenken. Zeker in tijden van onrust en onbehagen, zoals de huidige tijd, zijn complottheorieën voor sommige mensen aantrekkelijk. Ze maken een verwarrende wereld weer begrijpelijk, bieden een uitlaatklep voor onderliggende frustraties, grieven, boosheid en onzekerheid. Geven mensen het idee controle over hun leven te hebben en bieden hoop. Het is aanlokkelijk om complotideeën de schuld te geven van de huidige onrust. Maar misschien zijn ze niet de oorzaak, maar eerder een symptoom van onderliggende maatschappelijke en politieke problemen. Zeker voor jongeren geldt dat complottheorieën ook domweg spannend zijn, provocatief en ingebed zitten in de moderne cultuur.

Natuurlijk kennen we ook allemaal de excessen die soms gepaard gaan met complotdenken: bedreigingen, laster, polarisatie, soms geweld. Maar dat zijn gelukkig de uitzonderingen en het staat niet vast dat complotdenken de doorslaggevende factor is bij deze incidenten. We moeten nuchter blijven en complotdenken niet bij voorbaat problematiseren of verdacht maken. Dat leidt juist tot meer polarisatie en verharding.’